Installatietips

Voor klussers en doe-het-zelvers vindt u op deze pagina onze installatietips en de meest voorkomende installatievoorschriften en handleidingen. Zoals u zult begrijpen is het niet mogelijk om op afstand elke situatie goed in te schatten en tot in detail advies te geven. Wij voorzien u graag van de benodigde installatietips en geven u graag advies, maar bij twijfel dient u altijd één van onze installateurs in te schakelen die bij u ter plekke advies geeft of alsnog de installatie voor u afrondt als u er niet uit komt. Er zijn verschillende soorten rookkanalen, passend bij uw situatie thuis en bij uw kachel. Het is belangrijk dat u het advies leest wat bij uw rookkanaal of schoorsteen hoort. Bij de aan u geleverde kachel of haard worden installatie voorschriften geleverd specifiek voor dat model. Bent u de handleiding kwijt geraakt of is deze niet geleverd? Neem dan contact met ons op, dan sturen wij u een nieuw exemplaar op.

Keuze naar brandstof, diameter en materiaal

Allereerst is de brandstof bepalend voor de keuze van het pijpmateriaal. Heeft u een gas-, hout-, kolen- of pelletkachel? De houtgestookte kachels produceren namelijk meer hitte dan gasgestookte haarden. In gas, daarentegen, zit weer meer condens waardoor u pijpmateriaal kiest wat tegen vocht kan. Vervolgens moet er een keuze gemaakt worden voor de juiste diameter. De maatvoering of diameter van het pijpmateriaal moet passen bij de kachel of haard en het (reeds aanwezige) rookkanaal of de schoorsteen. Hierover kunt u zich het beste laten adviseren door onze specialisten. Afhankelijk van de situatie moet u enkelwandig of dubbelwandig materiaal gebruiken. Of misschien wilt u alleen een bestaande schoorsteen renoveren. In dat geval kiest u bijvoorbeeld voor een flexibele voering van RVS. Er zijn vele soorten materiaal, ook daarover laat u zich het beste adviseren door één van onze specialisten.

Brandstof

Hout, kolen en pellets

Bij houtgestookte kachels en haarden is brandveiligheid topprioriteit. De rookgastemperaturen worden zeer heet en de installatie moet zo gemaakt worden dat zelfs bij schoorsteenbrand er niets mis kan gaan en alleen het pijpmateriaal het zwaar te verduren krijgt, maar de woning en de bewoners veilig blijven. Denk ook aan kleine details. Er mag niets van het rookkanaal in contact komen met brandbaar materiaal. Zo is het bijvoorbeeld niet goed om met een houten ombouw te werken en deze vast te zetten met schroeven op de haard. De schroeven kunnen namelijk de hitte geleiden naar het brandbare hout. We werken daarom altijd met brandwerend materiaal zoals Promatect H. Gipsplaat en Fermacell zijn geen geschikte materialen in combinatie met een houtkachelinstallatie. Denk ook aan de isolatie. Gebruik geen brandbaar isolatiemateriaal. Bewaar altijd afstand van brandbare materialen. De diameter van het pijpmateriaal is bij een kolenkachel en een pelletkachel doorgaans kleiner dan bij een houtkachel. 

Gas

Gashaarden en gaskachels worden meestal aangesloten met pijpmateriaal van aluminium of RVS. Welk soort pijpmateriaal gebruikt wordt is sterk afhankelijk van het verbrandingssysteem van de kachel. Er is een keuze uit een gesloten of open systeem. Bij een gesloten systeem wordt gebruik gemaakt van concentrisch materiaal. Een concentrische pijp bestaat eigenlijk uit twee pijpen. De binnenste pijp is voor de afvoer van de rookgassen en de buitenste pijp voor de aanvoer van zuurstof. Omdat er geen contact is met de woonruimte, spreken we over een gesloten systeem. Bij een open systeem is sprake van één kanaal. De zuurstof, benodigd voor verbranding, wordt uit de woonruimte onttrokken. Goed ventileren is daarom altijd belangrijk. Omdat woningen steeds beter geisoleerd worden (en dus meer gesloten zijn) kiest men steeds vaker voor een gesloten systeem. Een ander voordeel van een gesloten systeem is dat de pijp niet boven de nok uit hoeft te komen, maar ook door een plat dak of door de gevel kan gaan. Een korter rookkanaal en dus vaak ook goedkoper en gemakkelijker. 

Diameter maatvoering

De meeste kachelpijpen variëren in diameter vanaf 98 mm tot 250 mm en op aanvraag zelfs nog groter. De meest voorkomende diameter is 150 mm. De maatvoering die aangegeven wordt is altijd de binnendiameter. De buitendiameter kan van merk tot merk en soort tot soort verschillen. Dubbelwandige pijpen zijn voorzien van isolatie dus hebben een behoorlijk grotere diameter dan de binnendiameter. De maatvoering of diameter van het pijpmateriaal moet passen bij de kachel of haard en het (reeds aanwezige) rookkanaal of de schoorsteen.

Materiaalkeuze

Er zijn ontelbaar veel soorten pijpmateriaal waaronder enkelwandig, dubbelwandig, concentrisch, flexibel, blauwgegloeid etc. De keuze is dus afhankelijk van de brandstof maar ook van een eventueel reeds aanwezig schoorsteenkanaal en van de constructie van de woning en de plaats van het rookkanaal in de woning. Zijn de verdiepingsvloeren van hout of van beton? Komt het pijpmateriaal in het zicht of niet? Gaat het rookkanaal buiten langs het huis of binnenlangs? Dat zijn allemaal vragen die beantwoord moeten worden alvorens het juiste advies gegeven kan worden. 

Montage als particulier

Het monteren van pijpmateriaal is op zich niet moeilijk en voor iedere ervaren klusser uit te voeren. Het is wel belangrijk om alle voorschriften en het Bouwbesluit goed te lezen, de juiste materialen te gebruiken en verstandig hiermee om te gaan. Raadpleeg altijd de installatie handleiding van de haard of kachel en verdiep u in de rookgasafvoermaterialen. Hou altijd rekening met de brandveiligheid, dus gebruik uitsluitend hittebestendige, niet brandbare materialen. Zet altijd alle materialen stevig vast en goed op elkaar zodat er geen beweging in het rookkanaal zit. Bij twijfel altijd een deskundige raadplegen op locatie. Meld het plaatsen van een haard of kachel altijd aan uw brand verzekeraar en vraag naar eventueel aanvullende eisen.

Voorschriften voor rookkanalen en schoorstenen

Bij installatie heeft u te maken met de Nederlandse bouwregelgeving, het Bouwbesluit en mogelijke aanvullende voorwaarden uit de gemeentelijke bouwverordening. Ook uw brandverzekeraar kan aanvullende eisen stellen bij bijv. een rietenkap. Raadpleeg ook de installatie- en gebruiksvoorschriften van uw haard en van uw pijpmateriaal. Voor de beste trek is het belangrijk dat in dit gebied onderdruk heerst. De wind en dakvorm veroorzaken gebieden met overdruk en onderdruk. Het optimale gebied is bij een hellend dak, dakhelling >23°, zo dicht mogelijk bij de nok, max. afstand hart nok, hart pijp 80 cm over het dakvlak gemeten en 50 cm boven de nok uit. Een ander sub-optimaal gebied, met minder goede omstandigheden, is een lijn 10° dalend vanuit de nok. Dit is een hele korte weergave, in de praktijk kan de situatie aanleiding geven tot een hoger rookkanaal. Bij problemen zoals rook in de kamer kunt u contact opnemen met onze planning. Waarschijnlijk is de trekopbouw in het rookkanaal dan niet goed. Wij kunnen een installateur bij u langs sturen die tegen een vooraf overeengekomen tarief de situatie inventariseert en advies uitbrengt. 

Luchttoevoer

In de installatie- of gebruiksvoorschriften van uw kachel of haard zal meer informatie staan over de luchttoevoer. Een haard of kachel heeft voldoende verse buitenlucht nodig om goed te kunnen branden. Indien er onvoldoende luchttoevoer is zal de verbranding niet goed zijn. Bij de zogenoemde 'gesloten' toestellen wordt de zuurstof van buitenaf gehaald in plaats van uit de leefruimte, hetzij via het rookkanaal (concentrisch systeem bijv.), hetzij via het aansluiten van de externe luchttoevoer. Ook door het openzetten van ramen of deuren kan er uiteraard lucht toestromen, maar deze koude lucht kan een onprettige tocht veroorzaken. Bovendien zijn de meeste moderne woningen dermate goed geisoleerd dat er weinig ventilatie openingen aanwezig zijn. Het is daarom beter om een luchttoevoer kanaal door de kruipruimte of vloer te maken. Liefst van gevel tot gevel omdat, indien er lucht uit de kruipruimte gehaald wordt, goede ventilatie van belang is. 

Enkelwandig

Enkelwandige pijpen zijn leverbaar in verschillende lengtes en diameters en zijn vaak ook op maat te maken. Enkelwandig materiaal is geschikt voor het aansluiten van kachel of haard op een bestaande schoorsteen. Ook kan het gebruikt worden wanneer het rookkanaal in het zicht is. Zodra het rookkanaal door een vloer of muur moet, is het verplicht verder te gaan met geïsoleerd dubbelwandig materiaal. Bij installatie worden de pijpdelen in elkaar geschoven. Schuif in verband met de afwatering van het condenswateren het smalle deel (met krimprand) van de bovenste buis altijd in de buis eronder. U kunt enkelwandige bochten gebruiken om een noodzakelijke versleping (bocht) te maken. Enkelwandige pijp is geschikt voor gaskachels (aluminium of RVS) of houtkachels (blauwgegloeid, RVS, gegalvaniseerd).

Dubbelwandig

 

Flexibele buis

Een flexibel rookkanaal is gemaakt van RVS. De term flexibel is een rekbaar begrip want erg flexibel is deze pijp niet. Een flexibele pijp is echter wel goed in een bestaande schoorsteen te manoeuvreren zonder dat je delen op elkaar vast hoeft te zetten. Een flexibele buis wordt meestal gebruikt om bestaande afvoersystemen te renoveren bij schoorsteenproblemen zoals roest-, brand- en condensplekken. Een flexibele buis voor houtgestookte kachels is dubbelgedraaid en glad van binnen en ribbelig van buiten. De geribbelde buitenwand zorgt voor hogere slagvastheid en de gladde binnenkant zorgt voor een betere afwatering van condens zodat corrossie geen kans krijgt. Daarnaast zorgt de gladheid er voor dat het schoorsteenvegen gemakkelijker gaat en vuil zoals creosoten en roet minder snel hecht. Flexibel pijpmateriaal wordt op een rol geleverd en voor u op maat afgezaagd. Zorg ervoor dat u niet te kort berekend. Er is veel kwaliteitsverschil op het gebied van flexibele rookkanalen. Bij een groot prijsverschil is het verstandig om navraag te doen over het materiaal en of het wel dubbelgedraaid is en glad van binnen. Op het flexibele pijpmateriaal zitten stickers of markeringen om de richting aan te geven waarin het materiaal gemonteerd moet worden. Net zoals bij het overige materiaal moet het altijd op afwateren gemonteerd worden zodat condenswater naar beneden gaat. Er zijn verschillende meningen over het feit of de flexibele buis in de schoorsteen geisoleerd moet worden (met bijv. vermiculiet korrels). Voordeel hiervan is dat kachelpijp snel opwarmt en er dus snel een goede trek zal zijn. Als de bestaande schoorsteen altijd goed heeft gefunctioneerd hoeft er geen extra isolatie te worden toegevoegd. Ten opzichte van de vroegere situatie is er namelijk al een extra luchtlaag als isolatie. Er mag geen sprake van tocht zijn in de schoorsteen, anders koelt de pijp te sterk af.

Doorvoer beton of hout

ISOduct** kan goed door een betonvloer worden gevoerd. In de tabel staan de aanbevolen diameters van het te boren gat. Let wel op, dat er tijdens het boren allerlei leidingen (CV, water, elektra) geraakt kunnen worden. Gaten boren in dragende delen alleen na toestemming van de constructeur. In veel gevallen is er al een zogenaamde “zwakke plek” aangebracht waar de doorvoer kan worden gemaakt. De opening tussen ISOduct en het beton na het monteren opvullen met zandcement. De doorvoer wordt zo perfect geluiddicht en brandwerend. De doorvoer NIET opvullen met purschuim of isolatiewol.

ISOduct** kan goed door een houten vloer worden gevoerd. Zorg dat het ISOduct kanaal op tenminste 1cm van brandbare delen blijft. De onderzijde afwerken met een brand separatieplaat. De brandseparatieplaat aan de onderzijde monteren, en aan de bovenzijde open laten of ventilerend maken. Eventueel kan van geschikt brandbestendig plaatmateriaal een brandseparatieplaat gemaakt worden. Eventuele kieren afdichten met bij brand opzwellende kit.

** Inzake Isoduct toepassing is een discussie gaande. Er dient rekening gehouden te worden dat op basis van voortschrijdende ontwikkeling van wetgeving c.q. keuringen later alsnog brandvrije omkokering dient te worden toegepast.

Dakdoorvoer pannen/plat/riet/muur

Voor een rietendak wordt altijd een trekkende kap met vonkengaas voorgeschreven. Er moet een luchtspouw tussen de dubbelwandige pijp en het riet zitten. Hoe groot deze luchtspouw moet zijn is afhankelijk van het merk rookkanaal. Gebruik bij riet een speciale dakdoorvoer.

Een pannendak is tegenwoordig vaak van isolatiepanelen. Maak de opening altijd voldoende groot en zorg dat de afstand vanaf het dubbelwandige kanaal tot brandbare delen voldoende groot is (varieert per merk). Boven op het dak de rubberdakdoorvoer of loodslab met stormkraag monteren en aan de onderzijde een dakondersteuning plaatsen. Kierdicht afwerken met de brandwerende afwerkplaat. De ruimte in de doorvoer niet opvullen met purschuim of isolatiewol. Bij een loodslab de ruimte tussen de stormkraag en het kanaal afkitten.

Bij een plat dak een opening maken die groot genoeg is voor het kanaal en voldoende ruimte tot brandbaar materiaal zoals hout of isolatie. Plaats de dakdoorvoer (plakplaat) onder de dakbedekking en isolatie op de onderliggende dakconstructie. Daarna waterdicht afwerken (branden, kitten) tegen de RVS opstand. De ruimte tussen de stormkraag en het dubbelwandige rookkanaal afkitten.

In een gemetselde of betonnen muur een opening maken met een boor. Het dubbelwandige kanaal hier doorheen voeren en de opening rondom het kanaal afwerken met zandcement, of afdichten met een op maat geknipte rubberdakdoorvoer. Een kanaal mag buitenlangs lopen maar moet wel voldoende geisoleerd zijn om een zgn. 'koudebrug' te voorkomen. De rookgassen mogen niet te veel afkoelen want dan is er sprake van teveel creosootvorming en -afzetting en te slechte trek. 

Verloopstukken en bochten

Als de kachel een andere aansluiting heeft dan de schoorsteen of het rookkanaal, plaats dan direct op de kachel een verloopstuk. passend bij de situatie. Wij adviseren zo min mogelijk bochten te gebruiken. Indien dit toch noodzakelijk is, is het verstandig dit te beperken tot 15° en maximaal 30° bochten. Scherpe bochten geven namelijk extra weerstand (minder trek) en belemmeren het schoorsteenvegen. Bij een versleping van 2 bochten 45° met meerdere meters er tussen in, zal het vegen van boven- of van onderen af lastig zijn. In deze gevallen kan het noodzakelijk zijn om tussen de beide bochten een veegluik aan te brengen. In veel gemeentelijke bouwverordeningen is het toepassen van 45° bochten niet toegestaan, of alleen met een ontheffing. 90° bochten zijn altijd uitgesloten, met als enige uitzondering vlak achter de kachel met achteruitlaat mag een 90° bocht, of nog beter een T-stuk (met dop) geplaatst worden. In plaats van een 45° bocht is het beter om een 30° en 15° bocht met bijv. een lengte van 50 cm ertussen te plaatsen.

Muurbeugels, verdiepingsondersteuning en dakondersteuning

Er dient ongeveer per meter rookkanaal een bevestigingspunt te zijn. Dit kan een muurbeugel, verdiepingsondersteuning of dakondersteuning zijn. Vooral vlak voor en na een bocht moet het pijpmateriaal goed bevestigd worden. Zorg dat de muurbeugels voldoende steun hebben aan de woningconstructie. Er zijn vaak verstelbare en vaste muurbeugels. Bij een verstelbare muurbeugel is de afstand tussen het kanaal en de muur instelbaar.

Tuidradenset 

Een dubbelwandig rookkanaal mag ca. 1,5 meter boven het dak uitsteken. Dat is in de meeste gevallen voldoende om het optimale uitmondingsgebied te bewerkstelligen. Gebruik voldoende beugels om de kracht van de wind op te vangen, door voldoende te steunen op de woningconstructie. Indien de uitsteek langer moet zijn kunt u het kanaal verstevigen met tuidraden en een tuidraadbeugel.

Klembanden

Het bevestigen van de verschillende delen van een rookkanaal verschilt van merk tot merk. Zorg er altijd voor dat een klemband de beide kanaaldelen of secties overbrugt en dat de sluitingen goed aangedraaid worden. Elk systeem werkt een beetje anders, dus laat u vooraf goed voorlichten of lees de gebruiksaanwijzing zorgvuldig.  

Dakhelling en bochten

De dakhelling wordt opgegeven t.o.v. het horizontale vlak, en de bochthoek ten opzichte van de verticale pijp! Bij een dakhelling van bijvoorbeeld 60° zijn in de versleping bochten van 30° nodig. Voor bijv. het merkt Isoduct en de Isoduct onderdelen is er een verslepingstabel beschikbaar waarop bij een gegeven horizontale maat de bijbehorende verticale maat en de benodigde onderdelen af te lezen zijn. Wanneer de versleping over een langere lengte langs het dakvlak loopt en niet overeenkomt met een standaard bocht zal de pijp niet volledig parallel lopen met het dakvlak. Een oplossing is om in plaats van een bocht met een vaste hoek, 2 bochten op elkaar te zetten en deze onderling iets te verdraaien. Een bocht van 15° en 30° op elkaar geeft, afhankelijk van de onderlinge verdraaiing, een hoek variërend van (30-15=)15° (30+15=) 45°. Voor een betere stroming en om beter te vegen is een kort recht stuk tussen de bochten aan te raden.

Een dubbelwandig kanaal moet ca. 50 cm. onder het plafond doorsteken. Het enkelwandig kanaal en/of de kachel worden brandgevaarlijk heet en moet daarom voldoende afstand houden tot het plafond. Laat daarom het dubbelwandige kanaal ca. 50 cm onder het plafond doorsteken. Dit is niet per se noodzakelijk bij een betonnen verdiepingsvloer zonder brandbare materialen in de omgeving. Dan kan het dubbelwandige kanaal op de verdiepingsvloer rusten. Op de kachel wordt de eerste 1 tot ca. 1,5 meter enkelwandige pijp geplaatst, dit is een soort verlengstuk van de kachel, vanaf ca. 50 cm onder het plafond begint het dubbelwandige gedeelte. Door de hittestraling van de kachel wordt de pijp erg heet. Bij vrijstaande kachels voldoende afstand houden (of afscherming aanbrengen) tot brandbare materialen zoals de wanden het plafond, vloeren, inboedel en gordijnen. Bij een inbouwhaard moet de koof, waarin de haard staat, opgebouwd zijn van brandveilige materialen volgens NEN 6064 (meestal Promatect H). Verder moet u voldoende ventilatieopeningen aanbrengen. Het plafond brandbestendig aanpassen of afschermen met een ventilerend hitteschild van bijv. Promatect H.